zondag 7 augustus 2011

En dan alsnog: het einde

Ondertussen zijn we alweer 7 maanden thuis maar het irriteert me dat de laatste verhalen van onze wereldreis nooit zijn afgemaakt. Omdat ik het een mooi document vind (al zeg ik het zelf) ga ik het de aankomende tijd afmaken! Een goed voornemen is het halve werk toch?

Het laatste berichtje sloot af met een cliffhanger, we namen de nachtbus vanuit Trujillo naar Huaraz. Dat is nog steeds in Peru. Tijdens de nachtbusrit naar Trujillo hadden we geen luxe bus genomen en dat ging prima. Dus nu hadden we wederom een goedkoop busje geboekt waarbij de stoelen niet echt naar achteren konden.

De tocht begon prima en we doezelden een beetje weg. Ergens midden in de nacht werden we wakker en merkten dat we stil stonden. We vonden het veels te midden-in-de-nacht om te gaan uitzoeken wat er aan de hand was. Het volgende moment dat we wakker werden en de zon al begon op te komen stonden we nog steeds stil. Wat was er aan de hand? Een flashback naar de 21 urige busrit in Egypte schoot door ons hoofd, het blijkt nog erger te kunnen... 
 Buiten bleek er voor het oog een oneindige rij met bussen te staan. Daarom bij wat mensen nagevraagd wat er aan de hand zou kunnen zijn. Het bleken protesten te zijn en sommige mensen gaven aan dat dit wel 2 dagen kan duren. Tuurlijk... dachten we nog.

Nadat we het buiten wel gezien hadden gingen we slaperig nog in de bus zitten en wat lezen. De tijd tikte rustig door, we bewogen geen centimeter met de bus en ons drinken en eten begon al op te raken. We zaten dan ondertussen al bijna 12 uur in de bus. Bovendien kon mijn nieuwsgierigheid wat er allemaal aan de hand was ook niet meer bedwongen worden en ben ik helemaal naar voren gelopen. Daar ontdekte ik dat we vast stonden voor een bergdorpje van ongeveer 3 huizen. De inwoners hadden de weg geblokkeerd en waren met stenen aan het gooien. Dus niet te dichtbij komen. Terug naar de bus lopend vond ik wel een koelautootje met frisdrank, dat waarschijnlijk een winkel in Huaraz had moeten bevoorraden maar nu zijn waar verkocht in deze file. Dus met wat koude cola vond ik ook onze bus weer terug.
Gelukkig waren er ook nog wat vrouwen en kinderen die langs de bussen liepen om eten te verkopen. Waar komen die toch altijd vandaan? Misschien kwamen ze wel uit het dorp die de blokkade hadden neergelegd en was het gewoon een truc om zoveel eten te verkopen?

Ondertussen was het leger, politie of de Peruaanse ME aangekomen om de blokkade op te heffen en een uur later begonnen we te rijden. Wij waren zo naief om even kort hiervoor te juichen want misschien konden we nog wel voor de avond in Huaraz aankomen...

Voordat de bus goed en wel op snelheid was stonden we alweer stil. We waren bij het volgende bergdorpje aangekomen en ook hier was weer een blokkade. Het duurde weer even voordat de politiemannetjes alles weer hadden opgeruimd zodat we na een paar uur weer een stukje konden rijden tot het volgende dorp...

De buschauffeur gaf al aan dat we ons konden gaan voorbereiden op een tweede nacht in de bus en steeds reden we maar een klein stukje verder. De sfeer werd steeds grimmiger, we moesten alle gordijntjes dicht doen en de bussen werden nu ook met stenen en rotsblokken bekogeld. Niet echt de fijnste momenten van onze reis.
Na een lange nacht van stilstaan en stapvoets rijden moest de bus een omweg maken door een soort weiland om een blokkade te omzeilen. Dit ging prima met alle bussen voor ons. Helaas was onze buschauffeur na ruim 30 uur ook wat moe en nam de bocht iets te scherp. Hierdoor kwam de bus vast te zitten in de modder. Dat kon er ook nog wel bij. De chauffeur kreeg de bus echt niet meer op het verharde gedeelte. Vervolgens is er geprobeerd met stenen onder de wielen de bus toch wat grip te laten hebben, iedereen er uit, alle mannen (ook ik zei de gek) duwen en vervolgens heeft een andere buschauffeur de bus toch uit het gat weten te krijgen.

Na nog 1 of 2 blokkades kwamen we dan toch helemaal gesloopt aan in Huaraz. Een keurige 33 uur in de bus! In een zombi-staat zijn we naar een iets te luxe onderkomen gegaan, maar we hadden het wel verdiend! Wat was er nou aan de hand? We hebben verschillende verhalen gehoord maar waarschijnlijk zijn de protesten tegen de bouw van een nieuwe mijn van een Canadees bedrijf. Hierbij hebben de bewoners geen inspraak gehad, verdienen daar dus niets aan en/of het is slecht voor het milieu. Hierdoor hebben ze dus de weg tussen Lima en Huaraz afgesloten, dit is de enige fatsoenlijke weg naar het hooggelegen Huaraz. Het hele verhaal staat hier goed beschreven. Ohja... de mijn gaat trouwens nu niet door. Het heeft dus geholpen.

Na een korte tijd in comateuze staat doorgebracht te hebben, zijn we voor een lunch Huaraz ingegaan. Huaraz ligt op ruim 3000 meter hoogte midden tussen de spectaculaire bergtoppen van de Cordillera Blanca. Dus na de lunch een klein rondje door de stad gelopen en ons lopen vergapen aan de mooie omgeving.
Maar dat genieten was helaas van korte duur. We zagen al wat brandjes in de stad, hoorde herrie en toen we een hele meute aan zagen komen zijn we snel een supermarktje ingevlucht. Deze deden net op tijd de rolluiken dicht want we hoorden de stenen er tegen aan vliegen. Nadat de herrie verdwenen was, doken we weer de straat op, maar helaas de verkeerde kant op want we kwamen weer de protestmars tegen. Dit keer konden we geen winkeltje induiken en werden er stenen onze kant opgegooid. Er was niemand anders in de buurt, dus ze mikten echt op ons. Echt goed gooien konden ze niet dus zijn we er zonder kleerscheurenvanaf gekomen en snel de andere kant opgesnelt. Hier stond alweer een heel batterij politie klaar om het een beetje in te dammen.
We zijn daarna maar snel terug gegaan naar ons guesthouse om bij te komen en wat slaapuren in te halen. We waren in Huaraz omdat we in de bergen wilden gaan wandelen en we hadden al allerlei fantastische ideeen waar we heen wilden. Helaas was het ondertussen al 8 december en hadden wij op 12 december vanaf Lima een vlucht. Dus wij moesten wel een bus terug hebben. Wij hebben langs enkele busmaatschappijen gelopen en zij zeiden dat ze voorlopig nog niet zouden gaan rijden. Hoewel de protesten maar voor 24 uur waren gepland, zouden ze nog langer doorgaan. Het geweld escaleerde ook: de politie had iemand gedood, een toerist was gewond en hierdoor zouden de blokkades voorlopig niet opgeheven worden. Dus hoe zouden we nu weg komen? We vonden een heel klein busmaatschappijtje dat de niet verharde weg naar Casma neemt. Gelukkig hadden die nog tickets voor de volgende dag, Dus die tickets gelijk gekocht.

Nu was er geen tijd meer om de bergen in te gaan dus alles wat we nog konden doen was een rondje door het lelijke stadje te lopen. Toch een beetje genieten nog van de mooie bergtoppen, de markt bezoeken waar je cuy (cavia's) kon eten en een biertje gedronken. Dus erg veel gedoe om hier te komen om uiteindelijk niet eens een berg op te lopen.



Opgelucht waren we toen we eindelijk in het overvolle minibusje zaten richting Casma. Er wilden nog veel meer mensen mee, maar gelukkig hadden wij de dag ervoor al kaartjes gekocht. De rit ging wonderwel vlekkeloos. Een belachelijk mooie rit over bergkammen van 4500+ hoogte. De weg was net zo breed als het busje en naast ons was honderen meters niets de diepte in. Toch genoot ik meer van het uitzicht dan de spanning om met hoge snelheid langs dit 'niets' te rijden. Na enkele uren kwamen we aan in Casma. Terug bij de Panamerikaanse snelweg. Toch met een zucht van verlichting. Achteraf blijkt dat we helemaal mazzel hebben gehad want de dag nadat wij waren vertrokken vanuit Huaraz is ook de weg naar Casma geblokkeerd. Dan hadden we helemaal niet kunnen vertrekken naar Lima!

In Casma gelijk de nachtbus geregeld naar Lima. Dit keer wel een luxe bus, dus mochten we weer 33 uur vastzitten, dan zaten we in ieder geval goed. Eerst mochten we nog een uur of 5 ons zelf vermaken in Casma. Samen met een Duits meisje zijn we bij een verlate viersterren hotelrestaurant neergeploft waar we te veel bier dronken en Martine de blaren in haar mond kreeg omdat ze een peper voor een tomaat aanzag.

Van Lima kan ik me niet eens zoveel herinneren. Dat kan natuurlijk aan mij liggen, want met ons hoofd waren we ondertussen al bij New York, maar het kan ook zijn dat Lima gewoon niet zoveel aan is. We zaten in een hostelletje in Miraflores. Paar rondjes door die wijk gelopen, naar de oude stad gegaan, een mooi klooster bezocht (met een bibliotheek die zo in een Harry Potter kan), de Chinese wijk, lekker gegeten en klaar gemaakt voor onze tocht naar de New York.









zaterdag 8 januari 2011

Van Ecuador naar Peru

Om 4 uur ging de wekker al, eigenlijk had Martine de bus van 4 uur willen hebben maar dat heb ik nog weten te onderhandelen naar de bus van 5 uur. Slaperig de hele reis weer teruggemaakt naar Guyaguil. We wilden richting Peru maar waar wij die dag zouden uitkomen wisten we nog niet. Nu vertrekken er meer dan 100 busmaatschappijen vanuit het busstation dus we konden wel een bus vinden die ons richting de grens ging brengen. Beetje slaperig vonden we inderdaad een busje dat ons net over de grens ging brengen in Peru.

Even wat ontbijten en hobbelde door oneindige banenenvelden richting de grens. Martine lag te slapen en ik heb me vermaakt met karatefilms uit de jaren 80. Nog even de grens over, wat bekend staat als de gevaarlijkste grens van Zuid Amerika (en in die categorie is best pittige concurentie). Behalve een wisselkantoortje dat ons probeerde te naaien hadden we helemaal geen problemen.

De bus stopte in Tumbes, het eerste stadje over de grens. Met de tuktuk hebben we een tocht door de stad gemaakt om een pinautomaat en een bus te vinden verder richting het zuiden. Er was een klein minibusje dat vertrok naar Mancora. Er was helaas geen plek meer in de bus maar we mochten samen op de bijrijdersstoel zitten. Een mooie tocht van 2 uur langs de kust terwijl de zon aan het ondergaan was. Het maakte niet uit dat het een beetje krap was.


Na een prima nachtje haasten wij ons naar het strand. Mancora is een wereldberoemd surfoord met metershoge golven. Nu zijn we geen surfers maar toch waren we teleurgesteld toen we een volledige vlakkte oceaan zagen. We hebben de vinkeveenseplassen nog wel eens wilder gezien dan deze zee. We waren ook nog eens in het surfseizoen!



Toch konden we niet klagen hoor, we zaten in een hostel met een zwembad, hadden fantastisch weer en konden lekker eten. Het dorpje is eigenlijk alleen wat winkeltjes langs de Pan-American. Hoewel een eventureel surflesje dus in het water viel, hadden we het de eerste dagen in Peru prima.






Een nachtbusje later bracht ons in Trujillo en een taxi weer naar Huanchaco. Dit is ook een surfdorp maar dan zonder de geblondeerde trage Amerikanen maar wel weer met golven. Heel veel Peruanen waren aan het surfen en niet alleen op surfplanken, ook op van riet gemaakte bootjes. Dit zijn traditionele vissersbootjes waarmee ze al eeuwen vissen. Misschien wel de oerversie van de surfplank.



We waren niet alleen voor de golven in Huanchaco, want het is ook een prima basis om de stad Trujillo te bekijken. Wederom een koloniaalse stad en waarschijnlijk daardoor ook op de Unescowereldlijst staat (ik weet het eigenlijk niet eens, maar ga er simpelweg vanuit. Koloniaalse steden zijn ze dol op bij Unesco). Ook hebben we Chan-Chan bezocht. Dat is de grootste pre-colombiaanse stad in de Amerikanen. Dit isr van een volk waar men helemaal niets van weet. De stad is helemaal van klei gemaakt en misschien is dat niet de beste keuze om een stad eeuwen mooi te behouden.


Vanuit Trujillo sprongen we weer in een nachtbus voor een rit van 8 uur naar Huaraz, of toch niet...

zaterdag 4 december 2010

Poor man's Galapagos

Nadat we boos ons hostel in Guayaquil hadden verlaten zonder te betalen, sprongen we in een taxi en zijn richting het busstation gegaan. Hier zijn ongeveer 100 busmaatschappijen en wij vonden de busmaatschappij met de intelligente naam JipiJapi die ons naar Puerto Lopez kon brengen. Vier uur lang schudden en rijden in een slakkengang, maar uiteindelijk waren we er. We vonden een slaapplaats in een bamboo cabaña dichtbij het strand.


We hadden honger dus op zoek naar wat voedsel. Na een paar honderd meter stuitert Martine van een stoepje af, waardoor haar hele been een grote schaafwond werd. Ook kleurde haar heup mooi blauw. Dus eerst weer terug naar het hostel om uitgebreid onze EHBO-tas te gebruiken. Na voedselvergiftiging, diefstal van onze tas en nu dit weer blijkt Ecuador ons gewoon niet zo goed gezind.


Aangezien het heel erg laagseizoen was, bleek de 2e poging om wat te gaan eten ook nog niet zo makkelijk. Alle restaurants die onze reisgids aanraadde waren gesloten. Bij een oud vrouwtje, die speciaal voor mij iets vegetarisch wist te maken, hebben we toch nog kunnen eten.

De volgende dag was een hele rare dag. Het was de Tel-alle-Ecuadorianen-dag. Dit gebeurt één keer in de tien jaar en wij mochten dit eneverende evenement meemaken. Wat houdt het precies in? Iedereen moet thuis blijven (je kan een boete krijgen als je het huis uitgaat) en geen winkel, cafe of kantoor is open. Er rijden geen bussen en vanaf vrijdag tot en met zondag mag er geen alcohol geschonken of verkocht worden. Kortom het stadje was een spookstad en tot 6 uur was er helemaal niemand op straat. We hadden wel verwacht een eigenwijze motortaxi ons naar een mooi natuurgebied in de buurt zou kunnen brengen, maar helaas.Wij hebben die dag dan ook helemaal niets gedaan behalve af-en-toe een rondje lopen als het been van Martine te stijf werd.  In de avond vonden we toch weer een restaurantje dat open was en hebben we een tour geboekt voor de volgende dag. Ohja de spannende uitslag van de hoeveelheid Ecuadorianen volgt op 10 december. Blijft u aan de buis gekluisterd?


De trip die wij geboekt hadden was naar Isla de la Plata, ofwel naar ´poor mans Galapagos´. Een onderdeel van Parque Nacional Machalilla. Aangezien de trip die wij willen maken naar de Galpagos niet te betalen viel voor ons, was die een mager alternatief. Desalteniettemin (is dat één woord?) hadden wij er veel zin in. We moesten ons vroeg op het strand melden, zo vroeg dat net de vissers terugkwamen met hun vangst. Helaas zagen we net vissers een kleine tien hamerhaaien in hun jeep inladen. De eerste keer dat ik deze haaien zie en dan dood op het strand. Geen fijn begin van de dag.



Om naar Isla de Plata te komen hadden we eerst een boottocht van ongeveer 1,5 uur voor de boeg. Op het eiland begonnen we met een flinke wandeling. Drie uur lang en vooral veel verschillende vogels gezien, zoals de bluefooted booby en vele andere waarbij ik waarschijnlijk beter had moeten luisteren naar de gids. In andere maanden heb je hier ook veel albatrossen, zeeleeuwen en walvissen. Uiteraard hebben wij het walvissenseizoen gemist want dat is doorlopend thema in onze lange reis. Na onze mooie wandeling en een lunch hadden we nog tijd om te gaan snorkelen. Dit was echt heel erg mooi. Ik heb vriendjes gemaakt met schildpadden, grote scholen gekleurde vissen, roggen, trompetvissen en nog veel meer. Een leuke trip op onze laatste volle dag in Ecuador.