Posts tonen met het label Guatemala. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Guatemala. Alle posts tonen

maandag 30 november 2009

Antigua, Guatemala

Ondanks dat ik hondsberoerd was, hebben we toch besloten om verder te reizen. We hadden nog pilletjes gekregen van Frank en Tari uit Azie tegen wagen-en zeeziekte dat hopelijk ook werkte tegen gewoon misselijk zijn. Gelukkig werkten die pilletjes goed, ik kan me bijna niets van de hele reis herinneren! In Antigua hebben we in plaats van een hostel een hoteltje genomen zodat ik een beetje op kon knappen. Een hotel met deverdacht Nederlandse naam: Asjemenou, hoewel we toch geen Nederlandse eigenaar zijn tegengekomen. Het hotel zat in een oud nonnenklooster met een mooie binnenplaats. Daar ben ik in twee dagen weer helemaal opgeknapt.
Antigua zelf is een mooie koloniale stad dat meer Spaans-Europees aanvoelt dan Centraal Amerikaans. Een heel mooi stadje met vrolijke kleuren en klinkerstraatjes. Alles ziet er netjes verzorgd uit en het is allemaal gericht op toeristen met talloze restaurants, barretjes, touroperators en veel taalscholen. Er staan verschillende mooie kerken, kathedralen en kloosters in de stad.


Nadat ik weer helemaal gezond was, zijn we weer verhuisd naar een hostel met de exotische naam Ummagumma, met een heerlijk dakterras met een mooi uitzicht.

Niet heel ver van Antigua is een van de meest actieve vulkanen van Guatemala. Die moest natuurlijk beklommen worden. We hadden een gids en een groep die er flink de vaart in had zitten. We renden bijna naar boven en waren dan ook een kwatier sneller boven dan aangegeven was, terwijl we normaal juist elke aangegeven tijd met twee vermeldigvuldigen. Naast dat het dus op deze manier een pittige beklimming was, waren we ruim voor zonsondergang boven en vertrokken zelfs alweer van de top terwijl de zon nog niet onder was. Dat was heel erg jammer, want dat was juist waarom we de vulkaan juist zo laat op de dag beklommen. Nu konden we de lava niet heel goed zien. Achteraf begrepen we dat er op andere dagen groepen veel dichter bij de krater konden komen, maar dat was deze avond niet nodig want de vulkaan was zo actief. Regelmatig vlogen er gloeiende brokken rots naar beneden. Hoewel we dus geen mooie lavastroom zagen, waren die vliegende rotsblokken ook erg bijzonder.










Al-met-al was Antigua een mooie stad maar zeker geen 'Trip-Maker'. We hadden al zoveel goede verhalen gehoorde over Antigua, dat het misschien zelfs een beetje tegenviel. Misschien door het laagseizoen, of is het alleen leuk als je er Spaans leert of als je een schreeuwende Engelse bent, maar San Cristobal (ook een Koloniale stad) vonden wij op alle fronten leuker.

We lieten Antigua en Guatemala achter ons door een bus om 4uur in de ochtend (ochtend? Nacht!) te nemen naar Copan Ruinas in Honduras. De reis was een van de prettigste reizen die ik heb meegemaakt. Ten eerste zat het busje niet vol, dus er was genoeg ruimte voor de benen maar wat het vooral een fijne rit maakte was het uitzicht. De zon kwam langszaam op achter heel veel mooie hoge bergen. We passeerden mooie kleine dorpen en af-en-toe moesten we stoppen omdat er paarden of koeien (met gigantische horens) op de weg stonden. Zonder het echt door te hebben waren we opeens al op de grens en niet veel later waren we in Copan Ruinas!

maandag 16 november 2009

San Pedro

San Pedro is zo een plek waar je blijft hangen. Zonder het door te hebben kan het opeens een week, een maand, een jaar of in sommige gevallen enkele decennia verder zijn. Het dorpje ligt ook fantastisch aan een van de mooiste meren ter wereld dat weer omringt is door vulkanen. In en rond en dorp staat het vol koffie, avocado, maïs, sinaasappelen en limoengewassen. Het is een klein chaotisch gebouwd dorp wat ons deed denken aan een betoverd doolhof. De wegen, steegjes en onverharde paden leken elke dag weer anders te liggen. Er waren dan ook geen straatnamen en ook geen plattegrondje te vinden. In het dorpje vind je allerlei leuke winkels, eettentjes en cafés. De meeste stonden bij het meer maar af en toe vond je er ook eentje willekeurig tussen de fruitbomen. Het was er ook nog eens spotgoedkoop, een verse geperste sinaasappelsap kocht je op straat voor 25c en een rum en cola was in sommige barretjes maar 33c. De bevolking bestond naast de traditionele maya-bevolking uit veel buitenlanders die zijn blijven hangen, een beetje een hippie-vibe hing er. Er waren ook nog veel scholen om de Spaanse taal te leren en ook veel massage scholen.


Na het toch wat slechte weer in Xela, waren we blij dat er weer een zonnetje was en we onze lange broek en jasje weer uit konden doen. We zaten dan ook weer een stuk lager, want San Pedro ligt nog maar op 1500m hoogte. Helaas konden we niet in het mooie meer zwemmen want er was een probleem met een alg. Dit was het tweede jaar dat dit probleem er was en veel mensen waren druk bezig om die algen uit het water te scheppen. Het was nu al zo een zo groot probleem dat UNESCO er zich mee ging bemoeien. Als je dicht bij het water kwam stonk het ook verschrikkelijk dus veel behoefte om in het meer te zwemmen was daardoor niet. Ook het duiken in het meer ging hierdoor niet door. Dat was natuurlijk wel jammer want we hadden nog nooit op hoogte gedoken en al helemaal niet in een vulkanisch meer gedoken. Toch bleef het uitzicht op het meer heel erg mooi.
Doordat er veel buitenlanders in het dorp waren konden we ook een beetje afstappen van onze taco-en burrito dieet. Een erg fijne afwisseling. Opvallend waren er veel Israëliers. We komen sowieso opvallend veel reizende Israëliers. tegen maar in San Pedro waren er ook heel erg veel gevestigd. Een plan B mocht het in Midden Oosten niet lukken? Maar daardoor wel lekkere broodjes falafel!

Toch zijn we niet alleen hangmatswingend en cocktaildrinkend in San Pedro gebleven, we hebben ook nog actief gedaan. Zo hebben we een koffieplantage bezocht. We dachten naar een koffieplantage gebracht te worden en daar een uitgebreide rondleiding te krijgen en wat koffie te leuten maar dat werd toch even anders. We hebben vanaf San Pedro ruim 3 uur flink gewandeld. Hierbij hebben we zeker een paar honderd meter geklommen en weer gedaald... op onze slippertjes. Wel was het een hele mooie wandeling door de koffievelden. Onze gids heeft ons vertelt over de verschillen tussen de arabico en de niet-arabico koffieboon, dat er grote avocadobomen groeien in de velden tegen de zon en voor de extra inkomsten van de avocado (wat zijn die bomen trouwens groot en hoog, dacht dat avocados aan struiken groeide) en dat Starbucks de beste bonen opkoopt en het beste betaald aan de lokale boeren. Op de terugweg nog een gier gezien die liep te smikkelen op -volgens onze gids een zeer giftige- slang.





Ook hebben we nog een dagtripje gemaakt naar de markt van Chichicastenango. Dit is een stadje dat tamelijk geisoleerd ligt in het hooggebergte van Guatemala. Hier is 2x in de week een hele grote markt waar veel mensen uit de omgeving hun waar staan te verkopen. Ondanks het ondertussen een namelijke toeristisch marktje is geworden kan je nog steeds je ogen uitkijken. Heel veel etenswaar, traditionele kleding, groenen en fruit, bloemen en weet ik veel wat nog meer allemaal. Naast de markt stonden twee kerken waar het katholicisme weer gemixt was met authentieke mayageloof: dus weer cola mee in de kerk om geesten uit te boeren en offers aan de heiligen.




De laatste volle dag in San Pedro mocht Rolf vroeg uit de veren terwijl Martine een keer mocht uitslapen. Er moest een vulkaan beklommen worden. Vanaf 6 uur werd er begonnen met de klim die ons in 3 uur naar de top zou brengen. Naast de gids en mezelf waren er -toevallig- nog twee Nederlanders mee op deze tocht. De tocht ging weer door de koffie en avocadovelden, maïsvelden en door steeds dikker wordend struikgewas. Een best pittig stijgingpercentage, maar er moest ook ruim 1500m geklommen worden. Uiteraard wel fantactische uitzichten op de omringende vulkanen, op San Pedro en op het meer. Na 3 uur klimmen waren we nog niet op de top en de gids vond het ook niet verstandig om naar de top te gaan met de volledige groep. Omdat hij niemand achter kan laten (uiteraard) zijn we op ongeveer 2500m weer teruggekeerd. Heb ik NOG NIET een vulkaan beklommen. toch was het een hele mooie tocht en er komt deze reis vast nog wel een vulkaan die ik dan wel kan beklimmen.



Nadat ik weer thuis was en even uitgerust had in de hangmat hebben we ons zelf verwend. We zijn namelijk beide gemasseerd, zijn in de kleinste sauna ooit geweest ('de molshoop') en hebben tot ruim na zonsondergang in hete baden bij het meer gezeten. Een fantastisch einde van ons verblijf in San Pedro................ ware het niet dat ik die nacht hartstikke ziek werd

dinsdag 10 november 2009

Quetzaltenango

Orkaan Ida heeft definitief roet in het eten gegooid om een Vulkaan rond Quetzaltenango te beklimmen. Maar een vulkaan niet kunnen beklimmen is niet zo een ramp als ik hoor wat diezelfde orkaan in El Salvador heeft aangericht. We hebben gewoon ons alternatieve programma uitgevoerd. Martine heeft een dagje fanatiek lopen weven terwijl ik me prima in de stad heb gemaakt (ohja en extreem domme vragen beantwoorden van de verzekeringsmaatschappij over de verdronken camera).
De volgende dag zijn we richting Fuentes Georginas gegaan. Dat zijn hete baden op bijna 2600 meter die zijn verwarmd door de vulkaan en vast ook nog genezend en erg gezond zijn. We zijn eerst met een minibusje omhooggereden en daar kunnen zien waarom het wandelen werd afgeraden. Het zicht was dat van een gemiddelde duik in het Twiske. Als je je armen gestrekt voor je uit stak kon je amper je handen nog zien! De baden lagen midden in een regenwoud, wat met de damp uit de baden en de wolken en mist van de kou een bijzonder effect gaf. Erg sprookjesachtig. Als je dan nog van de koude berglucht in de superhete baden stapte voelde het toch weer als een klein stukje paradijs.

Wij zijn daar niet alleen een paar uur gebleven maar hebben daar ook overnacht in een superprimitieve berghut. Superprimitief maar wel heel romantisch met een openhaard. Er miste alleen nog een berenvelletje want het vuur en de wijn en de romantische omgeving waren allemaal aanwezig. Bovendien konden we 's morgens vroeg als eerste in de hete baden springen!

Na de baden zijn we nog een nachtje in Xela gebleven om heel typische Guatamalees te gaan Kaasfonduen op een bergje met uitzicht op de stad en 's avonds nog wat te drinken met een Maleisische Amerikaan die in Guatemala werkt die we in Mexico hadden ontmoet. Doordat we moe waren van het badderen en we de volgende dag naar Lago Atitlan zouden gaan, hebben we het niet belachelijk laat gemaakt.

We besloten het stuk tussen Xela en Lago de Atitlan te reizen met de chickenbus. We hadden ook met een luxe minibusje of 2e klas touringcar bus kunnen reizen, maar wij wilde graag met de chickenbus. Als je in Centraal Amerika reist moet je (ja, je moet) reizen met de chickenbus. Waarom het een chickenbus heet, kwamen we al snel achter toen er enkele manden met levende kippen naast onze tassen boven op het dak werden gegooid. Kippen schijnen soms ook in de bus te reizen, dus ik geloof dat we dat betreft nog mazzel hebben gehad. De chickenbussen zijn allemaal afgedankte Amerikaanse schoolbussen, inclusief soms nog de Amerikaanse stickers en slogans zo hier en daar op of in de bus. De meeste bussen zijn niet meer saai geel, maar in allerlei kleuren geschilderd en voorzien van wat -vaak religieuze- teksten. Het duurde bijna een uur voordat onze bus begon te rijden maar wij vermaakten ons prima. Tientallen bussen reden langs met de meest spannende bagage, mensen in de meest fantastische kleren liepen langs en in onze bus kwamen er steeds mensen binnen die van alles probeerde te verkopen: vers fruit, drinken, snoep, ijsjes, tandenborstels, woord van God, wonderzalfjes, nootjes en taco's. De bus zat weer aardig vol, zeker toen we ons bankje waar we met z'n tweeen amper op paste nog moesten delen met een dikke Guatamaleze tante maar het was een zeer bijzonder ritje.

Nadat we waren aangekomen in Panajachel hebben we gelijk een bootje over het meer genomen naar San Pedro. Daar zullen we de aankomende dagen zitten om -hopelijk nu wel - een vulkaan te beklimmen, koffieplantage te bezoeken en hopelijk ook te duiken in het meer. Het meer ligt er fantastisch bij maar er schijnt een of andere waterplantbacteriealg te zijn (ons Spaans is nog niet zo goed om precies te begrijpen wat het probleem is), hierdoor zijn alle wateractiviteiten verboden. Duiken in een vulkaan op ruim 1500 meter lijkt ons wel een leuk plan.


vrijdag 6 november 2009

Vulkanen en weven

We hebben Mexico weer verlaten en zijn weer terug in Guatemala. In Quetzaltenango, of Xela in de volkmond, om precies te zijn. De belangrijkste reden waarom we naar deze hooggelegen stad zijn gegaan (ruim 2300 meter) is om vulkanen te beklimmen!

Quetzaltenango ziet er niet uit zoals je een Gutamalees stadje zou verwachten. Het ziet er een beetje Oost-europees uit. Veel kleine straatjes en steegjes met klinkers, gotische gebouwen maar wel een fijne vibe in deze stad. Hier komen toeristen naar toe om te gaan klimmen maar ook om spaans te leren of om vrijwilligers werk te doen. Het heeft een beetje een alternatief sfeertje, zo zijn er zelfs verschillende vegetarische restaurants.
We hebben al flink door de stad gelopen, wat ons gelijk een training gaf voor de vulkanen want geen straat loopt hier recht. Wat kerken en wat markten bezocht. Op die markt was het stampvol met vers fruit: bananen, papaya, meloenen, ananas en advocados, een grote kledingmarkt en een -illegale- dvdmarkt. Zo konden we al die nieuwe film van MJ hier kopen.

Er zijn hier verschillende organisaties met gidsen om je over de vulkanen te helpen. Wij wilden graag de 2daagse trektoch doen naar vulkaan Tajumulco. De hoogste berg van Centraal Amerika met een hoogte van 4220 meter. Helaas bleek dat niet mogelijk. Een mannetje van een gidskantoortje wist te vertellen dat het leger en de politie druk bezig is om het weer veilig te krijgen. Ook de toch naar Santiaguito was geen goed idee. Dit is de meest actieve vulkaan van Guatemala met elke uur nog een uitbarsting. Helaas is deze tocht alleen voor zeer ervaren klimmers en bovendien niet heel veilig door de uitbarstingen. Een goed alternatief was de beklimming van Santa Maria, met een goed uitzicht op de Santuigo met de uitbarstingen en op de Tajumulco. Toch is deze tocht ook heel zwaar omdat het al dagen slecht weer is en de paden dus erg glibberig zijn. Bovendien is door het slechte weer er momenteel helemaal geen zicht op de berg en ging ook deze toch niet door. Dus helaas geen vulkaan beklommen en op zoek naar een alternatief programma.
Martine had snel een programma gevonden. Er zit hier een weefschool. Een vrouwenorganisatie van verschillende dorpen zit hier gevestigd en kan je van die mooie gekleurde sjalen, kleden en doeken weven. Dus op dit moment is Martine druk in de weer met haar sjaal.

Verder zullen wij morgen naar Hot springs gaan. Deze baden worden verwarmt door de vulkanen en wij zullen helemaal tot rust komen morgen. Wij zullen ook in een berghutje bij de springs blijven slapen. Zonder enige faciliteiten, dat leek ons wel knus.
Daarna zullen we nog even terug komen in Xela om daarna weer verder te reizen en op zoek te gaan naar vulkanen die wel beklimbaar zijn en beter weer want momenteel rengent het non-stop en is het niet warmer dan 20 graden.

zondag 1 november 2009

Guatemala in en uit

Na de adrealinekick in Belize zijn we volgende dag gelijk doorgegaan naar Guatemala. Een verdacht simpele rit. Uiteraard moest er wel een stomme exit-fee betaald worden aan de grens. Ze doen niet aan een visum maar om het land te verlaten moet je wel flink betalen. Met z'n tweeen moeten we bijna een dagbudget uitgeven om het land te verlaten. De ambtenaar aan de Guatemala-kant van de grens wilde ook nog graag wat geld maar na wat gezeur van onze kant over een bonnetje was het opeens allemaal toch niet zo nodig. De paar uur in het busje van de grens naar Flores gingen redelijk vlot al blijkt dat verharde wegen en persoonlijke ruimte toch echt westerse luxe is en ohja, beenruimte ook.

Flores is een eiland in een groot meer. Hoewel er is tegenwoordig een grote brug is, is het niet echt meer een eiland. Het kleine ronde eilandje ligt idylisch in het meertje en is erg gericht op toeristen. Hoewel door het laagste van het laagseizoen, de economische crisis en de mexicaanse griep er eigenlijk helemaal niet zoveel toeristen waren. Het leek wel een toeristenspookstad. We waren (bijna?) als enige in ons hostel, aten meestal alleen in een restaurant en de straten waren ook verdacht leeg. Op zich is dat wel een voordeel want de prijzen gaan naar beneden en we hoeven nooit iets te reserveren want er is altijd wel plaats maar dit is wel heel erg rustig.

We hebben eerst een beetje het eiland verkend, gezwommen in het meer en rondgescheurd in de tuktuk's (ja, die dingen zijn niet alleen in Azie). Natuurlijk ook even wennen aan het andere geld, andere bier en weer terugschakelen naar het spaans. De belangrijkste reden dat we naar Flores zijn gekomen, is omdat het een prima uitvaltbasis is om naar Tikal te gaan. Ondanks we al aardig wat maya tempels en ruines hadden gezien stond deze heel hoog op ons lijstje.


Zicht van het dakterras van ons guesthouse
Om de drukte voor te zijn en nog wat mee te maken van de nachtdieren wilden we lekker vroeg in Tikal zijn. We stonden dan ook al om 4 uur op, om de bus van 5 uur te pakken. Helaas is er met de tijdzones, de zomer/winter-tijd of gewoon met de klok instellen iets misgegaan en bleek dat we al wat dagen in een volledig verkeerde tijd leefde want toen we voor de bus stonden te wachten bleek het al 6 uur te zijn en konden we pas de bus van 7 uur pakken. Het was een klein beetje jammer, maar omdat het toch het laagste van het laagseizoen is, waren er nog steeds niet veel toeristen.

Tikal zelf is fantastisch. Het ligt diep in de Jungle. Het is zelfs de een-na-grootste jungle in de Amerika's. Na de Amazone natuurlijk. Het zijn heel veel tempels in Tikal die best flinke stukken uit elkaar liggen en steeds mag je weer dwars door de jungle lopen. Omdat het zo rustig was, waren deze wandelingen ook fantastisch. Verschillende apen, gekke beesten, vogels en zelfs een toucan gezien. Ook de tempels waren indrukwekkend. Sommige kwamen weer tientallen meters boven de bomengrens uit waarvan je een fantastische overzicht over de jungle had. We hebben daar uren rondgelopen, geklauterd en verwonderd voordat we afgepeigerd terug gingen.








Dat was de eerste ervaring Guatemala want enkele dagen later zijn we weer terug naar Mexico gegaan. Dat klinkt allemaal erg onlogisch maar dat valt wel mee. Onze route is heel logisch, die landgrenzen zijn dat gewoon niet. De wekker stond weer om 4uur in de ochtend en dit keer stond de wekker wel goed. Een spannend ritje stond ons te wachten want we namen een onorthodoxe grensovergang. We begonnen met een uur of 4 in een busje te zitten die bijna geheel over onverharde wegen reed. Wat bizar is, is dat er bij scholen langs de onverharde weg nog steeds drempels op de weg worden geplaatst. Terwijl het simpelweg onmogelijk is om harder dan 20 of soms 30 km/h te rijden. We moesten stoppen bij een stadje om daar de grensformaliteiten te doen want de grens zelf heeft geen grenspost. Helaas kostte dit ons geld terwijl dat officieel niet zou moeten. We praten over een paar euro maar toch is het irritant, hij weigerde de stempel te zetten als we niet wat Quetzalles betaalde. Het busje bracht ons tot aan de grens want daar moesten we overstappen op een heel klein bootje. De grens tussen Guatemala en Mexico is hier namelijk een grote rivier. Dit werd nog best een lang ritje want de grenssteden liggen niet tegen over elkaar. In Mexico, na wat grensformaliteiten, sprongen we weer in een busje dat ons naar Palanque bracht.