Posts tonen met het label Wildlife. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Wildlife. Alle posts tonen

zondag 27 december 2009

Canadaberichten komen eraan, rustig aan... eerst dit

Na een zeer kort laatste nachtje in Playa del Coco sprongen we om 3 uur 's nachts vrolijk uit ons bed. Er zou eventueel een bus gaan die ons misschien ergens zou kunnen afzetten waar mogelijk een bus zou langskomen die ons waarschijnlijk op ons eindpunt zou kunnen afzetten. Om 4 uur in de nacht stonden we bij het centrale park in Playa de Coco en zowaar kwam er een bus. Er staan nergens bustijden vermeld en ook het internet is een waardeloze bron voor de bustijden dus het was even spannend of er een bus zou komen. De bus had als eindbestemming San Jose maar wij wilden nog niet naar de hoofdstad. Ons doel was Monteverde dat erg slecht te bereiken is. Er gaan 3 onverharde wegen naar Monteverde en vanuit verschillende plaatsen in Costa Rica gaan er ongeveer 4 bussen per dag naar Monteverde. Wij hebben ons door onze bus laten afzetten langs de snelweg bij een van de weggetjes naar Monteverde. We stonden daar al voor 6'en en volgens onze berekeningen moest er ongeveer om 9 uur een bus langskomen die naar Monteverde zou gaan, dus we mochten ons 3 uur vermaken langs de snelweg. Vanaf half 9 hebben we elke bus tegengehouden die we zagen en na een uur bussen tegenhouden begonnen we ons toch zorgen te maken. Gelukkig kwam er iets na half 10 een bus waar Monteverde op stond. Hatsa! En na 3 uur hobbelen waren we weer in de bergen.

We waren in Santa Elena, het dorpje in de buurt van het natuurreservaat 'Reserva Biológica Bosque Nuboso Monteverde'. Dit is een tropisch nevelwoud, een variant op het tropische regenwoud. Het is een nevelwoud omdat het hoger ligt dan 1500meter en daardoor eigenlijk altijd in de wolken ligt. Het moment dat we aankwamen voelde we dat gelijk. Het regende niet echt maar alles was nat. Een raar fenomeen.
Monteverde staat vooral bekend om de diversiteit aan flora en fauna. Vooral de Quetzal, een mooie gekleurde vogel met een lange staart, wordt hier geregeld gespot. Wij hebben deze vogel niet gezien maar wel genoeg andere gekke beesten en planten. We begonnen met een nachtwandeling waar we onder andere tarantula's, toucans (hoewel de meeste mensen van de wandeling de ooohs en aaahs niet voor zich konden houden, blijft deze vogel bij mij geconditioneerd aan appelmoes met een kers), mega sprinkhanen, kikkertjes maar vooral met een hels kabaal van de jungle. Geen idee wat voor beesten ik allemaal hoorde in een pikdonker jungle, maar dat was erg indrukwekkend.

Maar ook gewoon overdag door het park lopen was indrukwekkend genoeg. We hoopten een luiaard tegen te komen maar helaas hebben we die niet gevonden. Wel nog wat verschillende apen en wat dassen en vooral een groot en nat bos.
En wat vrolijke beestjes in de bossen tegengekomen:Een paar tarantula's! Zo in het bos is dat erg cool, maar het werd wat vervelender toen we er eentje aantroffen in onze badkamer in onze cabana. Deze moesten we toch even wegwerken!!!
Een mega pad
Dit vrolijke ding is een pijlgifkikker. Deze naam komt omdat de Indianen dit kikkertje gebruikten voor het gif voor hun pijlen. Nogal een giftig ding.
Slang!

Na wat dagen op hoogte zouden we eigenlijk naar Tortuguero aan de Caribische kust gaan om schildpadeieren uit te zien komen en te kayakken door een mini-amazone. Omdat Monteverde erg afgelegen ligt en Tortuguero nog veel moeilijker bereikbaar is (gaan geen wegen heen) hebben we besloten dat maar over te slaan. Het zou ons minimaal 2,5 dag reizen kosten terwijl we nog maar minder dan een week in Costa Rica hadden. Daarom besloten we om naar Quepos te gaan. Dat was maar een volle dag bussen, met een paar uur overstap in Puntarenas (iemand Sharkwaters gezien? DIE stad dus). Van hoog, koud en vochtig naar warm en aan zee!
We waren toch weer terug aan de Pacifische kust. Dit keer een stuk zuidelijker dan Playa del Coco. Midden in surfgebied met flink golven maar vooral ook weer een natuurgebied: Manuel Antonio Park. Helaas stikt het ook weer van de Amerikaane Resorts en wordt het allemaal erg duur. Daarom zaten wij in Quepos en niet in Manuel Antonio zelf. Dit stadje is op zich geen ene drol aan maar we hadden wel een hostel met een zwembad.
Het natuurpark was klein maar fantastisch. Het ligt direct aan zee en je komt op -tamelijk- verlaten strandjes. Als je vanuit de jungle op zo een verlaten strandje komt verwacht je eigenlijk ook de wrakstukken van Oceanic flight 815 (kijk Lost!).



Het werd helemaal bijzonder door de vele wilde dieren die we tegen zijn gekomen. Het begon al met een wild hert, een groep brulapen (die hun naam eer aan deden), leguanen, witsnuitneusberen en op het strand kwam een nieuwsgierige groep kapucijnenapen tegen. En later weer een groep van 20 van deze apen.
Na enkele dagen in Quepos en Manuel Antonio (waarvan we te veel dagen hebben moeten schuilen voor grote regenbuien) was het tijd om naar San Jose te gaan. De hoofdstad van Costa Rica en, voor nu, ons eindpunt van onze reis door Centraal Amerika.
Weer een hostel gevonden met zwembad. We hadden 3 nachtjes geboekt en zouden eigenlijk nog een dagje een trip maken naar een vulkaan, natuurpark of gaan raften op een rivier maar eigenlijk beviel San Jose ons wel en zijn we alleen in San Jose gebleven.
Veel mensen, andere hostels en onze reisgids waarschuwen voor San Jose als een grote nare stad maar waarschijnlijk hadden we even behoefte aan een grote stad. Wij vonden het wel even fijn. Ook konden wij ook ons goed voorbereiden op Canada door wat warme kleren te kopen, reisgids te kopen en de eerste slaapplaats te regelen.
En na 3 nachtjes was het zover! Einde Centraal Amerika, op naar het volgende avontuur! Op naar Canada!

dinsdag 1 december 2009

Honduras

Het is gek om een halve dag in de bus te zitten en wanneer je aankomt het nog geen 10 uur in de ochtend is. Hoewel ik zeker geen fan ben van het opstaan om half 4, heeft het ook wel weer zijn voordelen. Op deze manier hadden we toch een volle extra dag in Copan Ruinas. Een schattig bergdorpje dat net in Honduras ligt. We checkte in bij een hostel dat gerund wordt door 2 belgen: het groene appeltje (la manzana verde). Een heel mooi hostel met zeer chaotische regels en elk bed had een eigen naam, zo hadden we kunnen slapen in het Eddy Wally bed, maar kozen voor het Madonna en Al Bundy bed.
We merkten gelijk dat naast het standaard laagseizoen, de wereldwijde economische crisis en de Mexicaanse griep, de toeristische sector in Honduras helemaal hard wordt geraakt door de politieke spanningen in het land. We hadden ook al veel reizigers gesproken die Honduras wilden vermijden omdat het onveilig zou zijn en toegegeven: onze eigen ministerie van buitenlandse zaken gaf een negatief reisadvies (of alle niet-essensiele reizen worden afgeraden) en gaf de veiligheid in Honduras een 5 uit 6. Waarbij 1 heel veilig is en 6 heel onveilig is.

Om eerlijk te zijn is het tamelijk onzin dat er zo paniekerig wordt gedaan om de situatie in Honduras. We hebben meerdere mensen gesproken en bijna niemand heeft iets van onrusten gemerkt. Er is ook geen millitaire coup geweest zoals wij in Nederland (en alle andere Westerse landen) hebben kunnen lezen. De president Zelaya probeerde net zoals Hugo Chavez van Venazuela op een zeer dubieuze manier de grondwet te wijzigen zodat hij langer president kon blijven. Wat hij probeerde was tegen de grondwet en hij had daarvoor de gevangenis in gegooid kunnen worden. Als hij echt de gevangenis in gegooid zou worden, waren het waarschijnlijk wel bloedvergieten geworden dus heeft de Hondurese 'tweede kamer' besloten hem uit het land te zetten. Omdat ze dat niet zelf kunnen doen heeft het leger dat gedaan. De millitairen wilden dus ook niet de macht maar nieuwe verkiezingen zonder Zelaya. Dus al met al was er niet eens zoveel aan de hand. De berichtgeving in Nederland was tamelijk overdreven maar, wat wij hebben begrepen, was het in de VS nog honderd keer erger. Dit heeft er allemaal alleen toegeleid dat er geen toeristen meer komen en wij kwamen in Copan dan ook in een leeg hostel aan.

Later op de dag kwamen er toch nog wat andere reizigers binnen drubbelen. Een Engels meisje dat een dag later overvallen zou worden, een Poolse jongen die ongeveer dezelfde reis doet als ons maar dan in twee weken, een Duitser dat zijn reis begon in Panama maar na het landen er achter kwam te zijn geland in Panama in Florida en niet in het land Panama en Mike, een amerikaanse mormoonse zendeling, waarmee we nog een stukje hebben meegereist.
Het stadje is klein en schattig. Wat kroegjes, restaurantjes en allemaal in een straal van een paar honderd meter. Toch is het niet de grootste attractie. Want zoals de naam van de stad al doet vermoeden zijn er Ruines. Een van de grootste mayatempelcomplexen (met 3x woordwaarde)die er bestaan. We hebben weer een dagje ons verwonderd over alle mooie tempels en kunstwerken die allemaal erg goed bewaard zijn gebleven. Martine was na Chichen Itza, Tulum, Cahal Pech, Xunantunich, Tikal en Palenque nog steeds een beetje tempelmoe. Gelukkig was er naast de tempels ook nog een hele mooie natuurwandeling met Macaws, vlinders, gekke ratachtige beesten, spinnen en veel bomen en planten... en ohja veel muggen.








Vanuit Copan zijn we via een Bus-Bus-Taxi-Boot-Taxi en langs eindeloze bananenplantages aangekomen op Westbay in Roatan. We waren hier voor 1 reden: DUIKEN. Je hebt 3 eilanden iets ten noorden van Honduras liggen: de Bay-Islands, waarvan Roatan het grootste eiland is. We wilden eigenlijk naar Utila gaan maar op het laatste moment toch besloten naar Roatan te gaan omdat het duiken daar mooier zou zijn en er bovenwater iets meer te zien zou zijn. Utila zou wel iets goedkoper zijn maar we wilden natuurlijk wel de mooist mogelijke duiken maken.
Omdat we een lange reisdag achter de rug hadden en we geen zin hadden om goed te zoeken naar een slaapplaats hebben we een nacht in Valeries doorgebracht. Dit is een van de meest verschikkelijke plaatsen waar we ooit geslapen hebben en gelijk de volgende dag toch doorgezocht naar een mooiere plek en na flink onderhandelen iets heel moois gevonden zodat we klaar waren voor het duiken!
We hebben een week lang onderwater gelegen en echt fantastische duiken gemaakt. Het is een hele groot rif met hele grote muren waar je langs kan duiken. Er zijn niet heel veel grote vissen maar het rif en het koraal is fantastisch. Wel veel schildpadden, tropische vissen, zacht en hard koraal, sponsen, murray's en nog veel meer. Soms ook een koraalduivel, deze moeten gevangen worden omdat deze hier niet thuis hoort. Ruim 15 jaar geleden is bij een orkaan een aquarium in florida met 5 koraalduivels in zee gekomen en dat begint nu een plaag te worden omdat er geen natuurlijke vijanden voor het visje zijn. Toch blijft het een heel mooi visje om te zien.
We hebben ook twee wrakduiken gemaakt: eentje naar el Aquila op ruim 35 meter diepte zijn we op verschillende punten door het wrak heen gezwommen terwijl het er krioelt van de grote zeebaarsen. De andere is de Prince Albert. Een wrak dat redelijk ondiep ligt en veel klein leven, zoals zeepaardjes, leven.
Halverwege de week kwamen we er achter dat het nog steeds het regenseizoen is in Hondruas. Het werd heel slecht weer en duiken aan de Noord en Westkust werd daardoor onmogelijk. Hierdoor zijn we gaan duiken aan de zuidkant en hebben we de mooiste duikstek van Roatan kunnen zien: Mary's Place. Door een aardbeving en/of verschuivingen van de aardplaten zijn er grote scheuren in het rif gekomen. Deze scheuren zijn weer begroeid met veel zacht koraal. Door deze scheuren hebben we gedoken. Een echt hele mooie duik.
Hier wat foto's. Deze zijn van andere mensen omdat ik helaas geen foto's onderwater kan maken... (onze foto's waren natuurlijk veeeeel mooier geweest).

We hebben veel zeeschildpadden gezien tijdens de duiken.


Een paar fantastische wall-dives

En allicht de mooiste duik: Mary's Place

En twee grote wrakken: El Aguila en Prince Albert. Hierboven El Aguila met een grote zeebaars.

Door beide wrakken hebben we heen kunnen zwemmen
Toch hebben we niet alleen met ons hoofd onderwater gelegen. Het weer in de eerste dagen was fantastisch om op het witte strand te liggen. Ook hebben we -hoewel we voor gek werden verklaard door de mensen van Roatan- een flink stuk gefietst over het eiland. Het was ruim 30 graden en er zaten flink wat klimmen in, toch ruim 30 km en ruim 2 liter zweet later hadden we een mooi rondje gefietst.




Foto van het strand nadat het weer was omgeslagen

zondag 1 november 2009

Guatemala in en uit

Na de adrealinekick in Belize zijn we volgende dag gelijk doorgegaan naar Guatemala. Een verdacht simpele rit. Uiteraard moest er wel een stomme exit-fee betaald worden aan de grens. Ze doen niet aan een visum maar om het land te verlaten moet je wel flink betalen. Met z'n tweeen moeten we bijna een dagbudget uitgeven om het land te verlaten. De ambtenaar aan de Guatemala-kant van de grens wilde ook nog graag wat geld maar na wat gezeur van onze kant over een bonnetje was het opeens allemaal toch niet zo nodig. De paar uur in het busje van de grens naar Flores gingen redelijk vlot al blijkt dat verharde wegen en persoonlijke ruimte toch echt westerse luxe is en ohja, beenruimte ook.

Flores is een eiland in een groot meer. Hoewel er is tegenwoordig een grote brug is, is het niet echt meer een eiland. Het kleine ronde eilandje ligt idylisch in het meertje en is erg gericht op toeristen. Hoewel door het laagste van het laagseizoen, de economische crisis en de mexicaanse griep er eigenlijk helemaal niet zoveel toeristen waren. Het leek wel een toeristenspookstad. We waren (bijna?) als enige in ons hostel, aten meestal alleen in een restaurant en de straten waren ook verdacht leeg. Op zich is dat wel een voordeel want de prijzen gaan naar beneden en we hoeven nooit iets te reserveren want er is altijd wel plaats maar dit is wel heel erg rustig.

We hebben eerst een beetje het eiland verkend, gezwommen in het meer en rondgescheurd in de tuktuk's (ja, die dingen zijn niet alleen in Azie). Natuurlijk ook even wennen aan het andere geld, andere bier en weer terugschakelen naar het spaans. De belangrijkste reden dat we naar Flores zijn gekomen, is omdat het een prima uitvaltbasis is om naar Tikal te gaan. Ondanks we al aardig wat maya tempels en ruines hadden gezien stond deze heel hoog op ons lijstje.


Zicht van het dakterras van ons guesthouse
Om de drukte voor te zijn en nog wat mee te maken van de nachtdieren wilden we lekker vroeg in Tikal zijn. We stonden dan ook al om 4 uur op, om de bus van 5 uur te pakken. Helaas is er met de tijdzones, de zomer/winter-tijd of gewoon met de klok instellen iets misgegaan en bleek dat we al wat dagen in een volledig verkeerde tijd leefde want toen we voor de bus stonden te wachten bleek het al 6 uur te zijn en konden we pas de bus van 7 uur pakken. Het was een klein beetje jammer, maar omdat het toch het laagste van het laagseizoen is, waren er nog steeds niet veel toeristen.

Tikal zelf is fantastisch. Het ligt diep in de Jungle. Het is zelfs de een-na-grootste jungle in de Amerika's. Na de Amazone natuurlijk. Het zijn heel veel tempels in Tikal die best flinke stukken uit elkaar liggen en steeds mag je weer dwars door de jungle lopen. Omdat het zo rustig was, waren deze wandelingen ook fantastisch. Verschillende apen, gekke beesten, vogels en zelfs een toucan gezien. Ook de tempels waren indrukwekkend. Sommige kwamen weer tientallen meters boven de bomengrens uit waarvan je een fantastische overzicht over de jungle had. We hebben daar uren rondgelopen, geklauterd en verwonderd voordat we afgepeigerd terug gingen.








Dat was de eerste ervaring Guatemala want enkele dagen later zijn we weer terug naar Mexico gegaan. Dat klinkt allemaal erg onlogisch maar dat valt wel mee. Onze route is heel logisch, die landgrenzen zijn dat gewoon niet. De wekker stond weer om 4uur in de ochtend en dit keer stond de wekker wel goed. Een spannend ritje stond ons te wachten want we namen een onorthodoxe grensovergang. We begonnen met een uur of 4 in een busje te zitten die bijna geheel over onverharde wegen reed. Wat bizar is, is dat er bij scholen langs de onverharde weg nog steeds drempels op de weg worden geplaatst. Terwijl het simpelweg onmogelijk is om harder dan 20 of soms 30 km/h te rijden. We moesten stoppen bij een stadje om daar de grensformaliteiten te doen want de grens zelf heeft geen grenspost. Helaas kostte dit ons geld terwijl dat officieel niet zou moeten. We praten over een paar euro maar toch is het irritant, hij weigerde de stempel te zetten als we niet wat Quetzalles betaalde. Het busje bracht ons tot aan de grens want daar moesten we overstappen op een heel klein bootje. De grens tussen Guatemala en Mexico is hier namelijk een grote rivier. Dit werd nog best een lang ritje want de grenssteden liggen niet tegen over elkaar. In Mexico, na wat grensformaliteiten, sprongen we weer in een busje dat ons naar Palanque bracht.