Posts tonen met het label Colombia. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Colombia. Alle posts tonen

donderdag 11 november 2010

Zuid Colombia

De groene koffievelden achter ons latend zijn we nog meer naar het zuiden getrokken. Nu is Colombia nog niet echt ontdekt door het toerisme, maar het zuiden van Colombia is al helemaal van de begaande paden af. We trokken eerst naar Popayan. Weer een lange zit in de bus voordat we in dit Koloniaalse stadje aankwamen. We hadden nog een lange tussenstop in Cali, de salsa en cosmetische chirurgie hoofdstad van Colombia. Aangezien we niet kunnen dansen en geen botoxje nodig hebben, hebben we alleen het busstation van Cali gezien.

We waren op 1 november in Popayan en het was uitgestroven. Het was een maandag dus niet echt een dag dat alles dicht zou zijn. Waarschijnlijk vierden ze Allerzielen met een vrije dag. Popayan is een redelijk mooi koloniaals dorp met mooie witte huizen. Helaas kon Popayan na zoveel koloniaalse dorpen en steden het afgelopen jaar (San Cristobal, Antigua, Granada, Santo Domingo, Cartagena, Mompos...) niet echt schitteren.






Een vegetarische maaltijd bij een christelijke instelling (lezen jullie wel de bijbel? uh...natuurlijk), een tocht naar een standbeeld boven op de berg voor een mooi uitzicht, 8 rondjes door de stad, film kijken en zelf lekker koken. Zo zou ik de 2 dagen in Popayan kunnen samenvatten. We hadden nog naar de indianenmarkt van Silvia kunnen gaan, maar omdat we in Ecuador ook al van plan zijn naar 1 of 2 markten te gaan willen we daar een overschot in voorkomen. In plaats daarvan hebben na al het wandelgeweld in de koffiezone ook gewoon een beetje uitgerust.


De volgende trip ging naar San Augustin. Nadat de hopeloos verlate bus eindelijk aan kwam rijden zat de bus heel erg vol, en stonden er ook nog eens veel mensen te wachten om het kleine busje in te gaan. Martine was snel de bus ingeglipt om 2 stoelen te claimen. Het werden twee stoelen op de achterste rij. Ik probeerde onze tassen mee te krijgen in de bus. Er moesten ook zakken soja, een bureaustoel, een volledig bed (!) en van iedereen 1 of 2 grote tassen mee. Nu was de bagageruimte niet veel groter dan dat van een Suzuki Alto dus dat werd nog spannend. De chauffeurs waren aan het passen en meten en elke cm2 werd gebruikt. Onze tassen gingen als laatste in de bus, omdat wij niet naar het eindpunt gingen. Dit werd met zoveel geweld in het te kleine plekje geramd dat ik daar niet vrolijk van werd. Zo niet vrolijk, dat ik op een gegeven moment blij was dat ik spaans op de Dominicaanse Republiek heb geleerd. Daardoor bestaat mijn vocabulair grotendeels uit scheldwoorden. Nadat ik klaar was met mijn tirade (en zowaar hij begreep het) deed hij net iets voorzichtiger. Nadat ik me mijn stoel had gewerkt tussen Martine en een Colombiaanse boer begon onze 6,5 uur durende reis over voornamelijk onverharde werg. Er waren niet genoeg stoelen voor iedereen, maar de chauffeur had nog wat klapstoeltjes en die werden in het gangpad gezet zodat er nog 3 mensen extra meekonden. De bus reed zigzaggend om de grootste stenen en gaten te ontwijken. Toch hadden we af en toe vluchtmomenten in de bus waar Hans van Zetten enthousiast over zou worden. Nu was het akelig krap en een lange rit. Toch was het wederom een mooie rit. Verschillende hele grote watervallen gezien en een mooi berglandschap.

In San Augustin hadden we een bijzonder slaapplaats op het oog, dit keer geen pension, hostel of guesthouse. We blijven slapen op een ecoboederij. Op deze boederij staan verschillende hutjes waar je in kan overnachten. We liggen onder een muskietennet want 's nachts stikt het van de beestjes. Handgrote motten, sprinkhanen, torren, muggen en ander geflader. Ook vormen verschillende beesten 's nachts een oorverdovend orkest. Ik vind het heerlijk en slaap prima. Tussen de hutten lopen de paarden, kippen en de grote hondenfamilie met puppies. Er wordt zelf brood, yoghurt en kaas gemaakt op de boederij en bovendien weer een mooi uitzicht over al het groen in de omgeving. We zitten dus niet het dorpje zelf maar daar een paar kilometer buiten, boven op een berg.




De groene heuvels rond San Agustin werden al eeuwen voor de ontdekking van Amerika bewoond door een raadselachtig volk.Hoewel deze cultuur waarschijnlijk al voor de komst van Columbus was verdwenen, staan tot op de dag van vandaag heel veel beelden van dieren en monsters in de buurt van San Agustin. Wij hebben een dagje flink gelopen om deze beelden te bekijken. Ik kon niet voorkomen dat ik de beelden vaak op Pokemonfiguren vond lijken.








We hebben nog een dagje geluierd op de boederij, gelezen, in het zonnetje gelegen en uiteraard lekker gegeten voordat we de volgende dag onze reis weer voortzette. Hoewel voortzetten? We moesten weer terug naar Popayan. dus weer in zo een busje en 6,5 uur over overharde paden. We zaten iets beter dan op de heenweg maar ook nu was de bus weer overvol en moesten er ook nog wat kippen, een haan en een hond mee in de bus.

We wilden vanuit Popayan gelijk door naar Pasto, maar helaas kwamen we pas rond 2 uur aan in Popayan. Er wordt aangeraden om niet in het donker de bus naar Pasto te nemen. Dit keer niet alleen om guerilla´s maar meer voor ´gewone´ bandieten. Aangezien de busrit ongeveer 5 uur duurt, bleven we voor nog een nachtje in Popayan om dan de volgende dag maar naar Pasto te gaan.

Pasto is de laatste stad voor de grens van Ecuador. Ons reisgidsje kon weinig positiefs noemen over de stad maar wij vonden het een prima stadje (met een heerlijk mexicaans restaurant). We hadden niet veel keuze voor een slaapplaats. Het was of een Inn met de volgende beschrijving: "The hot water (a necessity in chilly Pasto) is intermittent, the toilents have no seats, the streetside rooms are noisy, the staff can't be relied on for tourist advice, and the hotel uses a floor wax that smells like a chemical factory." Of een hotel die ook kamers per uur (juistem) verhuurde. Het werd toch het eerste en het viel alles mee. We zijn nog een dag naar een vulkaanmeer gegaan, in dit meer is een klein eilandje waar een bijzondere fauna is. Lekker gevaren in een klein bootje en gewandeld over het eiland.






Onze laatste avond in Pasto kregen we nog materiaalpech. Onze laptop is helaas overleden. De laptop ging uit en startte niet meer op. Er kwam een rare brandlucht uit de computer wat meestal niet zulk goed nieuws is. Het is een beetje vervelend maar geen wereldramp.

Na 2 nachten in Pasto gingen we dan eindelijk Colombia verlaten. Toch hebben we nog en klein omweggetje gemaakt. Eerst met de bus naar Ipiales. In de buurt van Ipiales heb je nog een heel bijzondere kerk dat we graag wilden zien. Wij naar een taxichauffeur en onderhandeld zodat hij ons naar de kerk bracht, daar een uur zou wachten en dan ons naar de grens met Ecuador zou brengen. De vraag is natuurlijk of je dan een taxichauffeur kan vertrouwen of dat hij niet wegrijdt met je tassen want we lijden zoals alle reizigers aan het BSA (backpack serperation anxiety). Gelukkig is het helemaal goed gegaan en hebben wij de hele bijzondere kerk die over een gorge is gebouwd kunnen bekijken.






Daarna heeft de taxichauffeur ons keurig bij de grens afgezet en begint ons Ecuador avontuur...
Dat waren dan alweer 5 weken Colombia. We hebben ruim 9 weken de tijd in Zuid Amerika ende planning was om 3 weken Colombia, 3 weken Ecuador en 3 weken Peru door te brengen. Colombia heeft ons verleid om hier al veel meer tijd door te brengen, waardoor we bijna geen tijd hebben om Peru te zien. We vinden het wel prima en zo langzamer reizen bevalt ons goed. Colombia is een heel erg mooi land dat alleen bekend staat om de slechte verhalen (drugs, guerrilla, ontvoeringen) en daardoor nog niet echt veel toeristen trekt (en bijna geheel geen Amerikanen en in verhouding best veel Nederlanders overigens). Het is een super mooi land met heel erg vriendelijke mensen. Met onze vijf weken hebben we nog steeds maar een klein gedeelte gezien van het land. Je kan ook niet alles zien in een land dat net zo groot is als Frankijk, Spanje en Portugal samen. Daarom hebben wij wat dingen moeten overslaan zoals hele stukken aan de Caribische kust, de Pacifische kust (dat nu nog te onveilig en/of te duur is om te komen), het Amazonegebied, grote stukken Andes en steden als Medellin en Cali. Colombia staat zeker in de top 3 van landen waar ik ooit geweest ben en een hoogtepunt uit onze -al ruim 13 maanden duurdende - reis.

zondag 7 november 2010

Zona Cafetaria

Vanuit Bogota hobbelde we 8 lange uren in de bus richting Manizales. Een hele mooie tocht door de bergen. We zaten natuurlijk al op hoogte in Bogota (2600m), maar we bleven hoog want Manizales ligt op 2150 meter. Dat betekende helaas niet dat we een klein stukje de bergen af konden rollen want ze liggen beide op een andere strook bergen. We gingen van de Cordillera Oriental naar de Cordillera Central, dat betekende dat we door een heel diep dal moesten en vervolgens weer haarspeldbochtend omhooggingen. Een mooie tocht met een fantastisch uitzicht.

Manizales is een studentenstad maar het is vooral bekend omdat het midden in de koffiedriehoek van Colombia is. Bovendien is het de gateway naar de vulkanen, besneeuwde bergtoppen en nevelbossen van het Nevados nationale park. De stad zelf is eigenlijk niet eens zo de moeite waard. Dat komt omdat de stad elke paar decenia wordt platgelegd door vulkaanuitbarstingen, aardbevingen of grote vuren (of een combinatie van deze). Het is dus vooral een moderne stad omdat de laatste grote aardbeving in 1999 was. Wij hebben een beetje door het centrum gelopen en het is volgens mij de goden verzoeken als je zo een lelijk centrum maakt...

De stad zelf stelt dus niet zoveel voor, maar we waren hier voor de mooie omgeving. Daarom hebben we eerst een trip gemaakt naar een finca, een koffieboederij. Er zijn vele fincas in de buurt en wij besloten naar Hacienda Venecia te gaan. We begonnen natuurlijk met koffiedrinken. De gids werd enthousiast nadat wij aangaven dat we geen suiker of melk in de koffie wilden. Daardoor waren we gelijk gepromoveerd tot goede proevers. Onze jonge gids vroeg of we eigenlijk wel wisten hoe we een goede espresso moesten zetten, waarna we een korte cursus kregen over het perfecte kopje espresso om vervolgens ons eigen perfect gezette kopje weer op te drinken. Vervolgens kregen we een barisstaworkshop om de vele smaken te onderscheiden die in koffie kunnen zitten. Na nog wat koffie waren we daadwerkelijk klaar om rond te lopen in de plantage. Nu wist de gids veel te vertellen (veel meer dan tijdens de koffietour die we in Guatemala deden) en ook was het groeiproces heel interesant, maar het meest bijzondere aan de tocht waren de uitzichten. De koffieplanten, al het groen en de bergen daarachter was ronduit fantastisch. Er groeide ook wat fruit zoals bananen en guave op de plantage om wat schaduw aan de koffieplanten te geven, we konden dit fruit ook eten tijdens de tour. Uiteraard zat er in een vrucht die Martine opende natuurlijk een harige spin.





Tijdens de tour hebben we ook nog kunnen zien hoe er geplukt wordt, de koffievruchten gewassen en gedroogd worden. Het mooie bamboehuis van een familie bezocht. Ik wist niet dat hier ook bamboe groeide, ik dacht dat, dat alleen in Azie was. Er zijn alleen geen pandaberen, ik vind waar bamboe is, daar moeten pandaberen zijn. Op het einde van de tour hebben we nog koffiebonen gebrand en nog meer koffie gedronken. Nu hadden we de keus om gelijk terug te gaan naar Manizales of de hele dag te blijven op de finca. Wij kozen uiteraard voor de tweede optie, hebben daar lekker gelunched, een paar keer in het koude zwembad gesprongen en vooral nog meer om ons heen gekeken. Uiteraard konden we 's avonds niet slapen (8 grote espressos), dus zijn we maar op pad gegaan. Wat bier gedronken in de kroeg en gekeken naar straattheater want er was een internationaal straattheaterfestival in Manizales.






De volgende ochtend sprongen we vroeg in een busje. Op weg naar nog veel meer natuurschoon. We gingen op weg naar Los Nevados. Een stuk van het Andesgebergte. dat tussen de 2600 m en de 5325 m ligt. Er zijn 5 grote pieken en wij gingen voor Nevada del Ruiz. De hoogste vulkaan van 5325 meter hoogte. Het is nog een actieve vulkaan, zo actief zelfs dat in 1985 het een heel dorp heeft weggevaagd waarbij 20.000 mensen zijn overleden. De tour startte met een stevig ontbijt, hierna maakten we een stop bij Laguna Negra, ondertussen al op 3760 meter. Een mooi donker meer, waar de omgeving nog steeds heel erg mooi groen was. Verder omhoog begonnen we toch serieus in de wolken te raken. De begroeing werd al wat minder, we zaten in het paramo: stugge grassoorten, hier en daar wat struikjes en kleine boompjes. Hoewel, we kwamen nog wel een 'bos' tegen van een uiterst raar soort palmbomen. Deze boompjes groeien maximaal 1 cm per jaar en halen hun vocht voornamelijk uit de mist. We kwamen wat langs watervallen en hebben misschien een Condor gezien (was te hoog, onze gids dacht van wel maar wist het niet zeker). Op een gegeven moment hield het groen dan toch echt op en was het alleen maar kaal en begon het ook serieus koud te worden. We kwamen zelfs in de sneeuw terrecht. Op 4820 meter was 'El Refugio'. Dit werd ons eindpunt. Normaal gesproken kan je nog doorlopen tot een hoogte van 5100 meter waarna de Gletsjers beginnen waarvoor we de materialen, vaardigheden en de toestemming niet hebben om nog hoger te gaan. Door de 5000m grens heengaan leek ons wel heel bijzonder, maar helaas. De vulkaan is de afgelopen maand actief en is er een kans op een uitbarsting. Alle wandelingen boven de 4820 meter zijn daardoor verboden. Toch was deze hoogte ook al heel bijzonder. We stonden in de sneeuw en als de mist een beetje wegtrok konden we de nog hogere gletsjers zien. Je kon wel gelijk merken dat de lucht heel erg ijl was, bij een klein stukje rustig wandelen kon je al buiten adem zijn.








Ik was zelf nog nooit zo hoog geweest en dat is in Europa ook onmogelijk want de hoogste berg, de Mont Blanc, ligt op 4803 meter hoogte (kan er een paar meter naast zitten en dat gekke ding in Rusland tel ik niet mee als Europa). Misschien komt er later in Ecuador nog de mogelijkheid om hoger dan 5 kilomter te komen, er zijn daar in ieder geval 10 bergen hoger dan 5 kilomter. Wij waren nu al tevreden en zijn op de terugweg nog in Termales El Otono gegaan. Wij dachten even op temperatuur te komen en rond te dobberen in het hete bronwater. Dat warm worden ging heel erg goed maar er was iets vreemds met het water. We wisten niet wat wat het rare aan het water was totdat iemand wat water in zijn ogen kreeg. De zuurgraad van het water bleek een pH van 5.3 te hebben. Auw! Het was dus een soort warm azijnbad waar we in zaten. De muggenbulten begonnen ook te irriteren en het bleef een kunst van geen water in je ogen te krijgen want dat deed akelig veel pijn.



Na Manizales besloten we verder te gaan, maar niet het koffiegebied te verlaten. We zijn iets naar het zuiden gegaan, naar Salento. Waar Manizales nog een grote (lelijke) stad is, is Salento echt een klein schattig dorpje. We zaten in een net zo schattige guesthouse van de Colombiaanse Lily. Dit prachtige dorpje in een uiterst groene vallei was een fijne verassing maar niet eens de reden dat we hier waren. Niet ver van Salento is Valle de Cocora. In het zuiden van het Los Nevodos park.





We sprongen in een Jeep waar nog 2 mensen op het dak en 3 erachter hingen om het uurtje over overharde pad naar de ingang van de Vallei te gaan. De tocht werd opgehouden want er was een halve berg ingestort over de weg. Nu lag er 3 meter hoog puin inclusief wat bomen op de weg. Gelukkig zaten we in jeeps zodat we de weg konden verlaten en door een weiland konden gaan. Wel moest iedereen uitstappen en de jeep door de modder duwen, maar dit hoorde allemaal bij het avontuur. Daarna konden we klappertandend onze weg weer voortzetten. We werden gedropt bij de ingang van de vallei. Dit lag op 2300 meter hoogte. We begonnen met wandelen door vrolijke paden door een heel groen gebied. We voelden ons een beetje als vrolijke hobbits. We groeten nog wat koeien en liepen het slingerende pad af. Het pad was door het vele regen wel heel erg blubberig maar na de zoveel meter was er ook weer een beekje of een stroompje om de blubber van je schoenen af te krijgen. In de groene vallei stonden ook palmbomen, en wat voor een palmbomen. Deze waxpalmbomen zijn de hoogste ter wereld en zijn soms wel 60m hoog. Deze bomen samen met de mist die er bovenhing gaf een heel bijzonder effect.







Na de vallei kwamen we in een bos terrecht. We vonden mooie watervallen en moesten meerdere malen de snel stromende riviertjes oversteken. Gelukkig lagen er altijd wel een paar palmbomen waar we overheen konden. Meestal was dit niet heel stabiel, maar het maakte wel onze innerlijke Indiana Jones in ons werd wakker.





Na het bos kwamen we in het cloudforest terecht. We zijn al een keer in Monteverde in Costa Rica in een cloudforest geweest maar daar lopen honderen of misschien wel duizenden mensen per dag rond. Waarschijnlijk lopen die hier in Colombia over 10 jaar ook, maar nu hadden we dit uiterst bijzondere bos voor ons zelf. Na flink wat wandelen in dit natte bos kwamen we bij een huisje terrecht om wat te drinken. Terwijl we buiten zaten zoemden de hummingbirds om onze oren. Na wat drinken besloten we terug te gaan. We wilden niet hetzelfde pad lopen, maar we wisten zeker dat dit andere pad ook naar beneden zou gaan want we zaten ondertussen op 2700m ofzo, zo een 400m hoger dan het begin punt. Inderdaad was het eerste stuk ook bergafwaards, maar daarna moesten we langs een heel erg steile blubberberg klimmen tot 3000m. Een kaart met hoogtelijnen had toch handig geweest. Bovenop niet van het uitzicht genoten want we zaten immers in de wolken en aan de andere kant van de berg toch naar beneden gelopen. In totaal hebben we zo een 6 uur gelopen.







Na Salento hebben we de koffiezone weer verlaten en zijn we vertrokken naar het zuiden van Colombia. Waarschijnlijk blijven we hier een ruime 1,5 week voordat we naar Ecuador vertrekken. De koffiezone is echt een hoogtepunt van Colombia, zowel letterlijk als figuurlijk.